Severus draagt de volgende titulatuur op de voorzijde: nobilissimus caesar ('meest edele kroonprins/onderkeizer').

Mars, of zoals de Grieken zeiden: Ares, is de oorlogsgod. Hij wordt gewoonlijk afgebeeld met speer en schild, zijn mantel wapperend in de wind. Soms wordt hij Ultor genoemd, letterlijk Mars de Wreker.

Na de abdicatie van Maximianus en Diocletianus in 305 werd Severus II caesar (onderkeizer) van het westelijke deel van het Romeinse rijk, onder Constantius Chlorus. Na de dood van deze Constantius in 306 werd diens zoon Constantijn tot keizer uitgeroepen door de legioenen in Brittannia, terwijl eigenlijk Severus deze post zou moeten bekleden. De 'senior augustus', Galerius, stak daar een stokje voor en benoemde Constantijn tot 'caesar', terwijl Severus toch 'augustus' (keizer) werd. Al snel zag de kersverse keizer Maxentius usurperen in Rome en trok op bevel van Galerius ten strijde. Hij verloor echter de strijd en werd door zijn soldaten bij Ravenna verlaten. Hij werd gevangengezet en even later terechtgesteld.

16988 Severus II Caesar 305-06, AE verzilverde Follis (27mm, 8,22 g)
Muntplaats: Ticinum c. 305
Voorzijde: SEVERVS NOB CAESAR; gelauwerde buste r.
Keerzijde: VIRTVS AVGG ET CAESS NN; PT in afsnede; stip in l. veld; Mars lopend r. met trofee en speer
Overig:
RIC 58a; Pr
€ 225