De titel 'princeps juventutis' (letterlijk 'eerste van de jeugd') was oorspronkelijk een Republikeinse titel, gedragen door leiders van de Romeinse ridderstand, meestal jongemannen uit de senatorenstand. In de keizertijd werd de titel verleend aan de 'toekomstige keizers'. Domitianus droeg de titel en na hem nog tal van andere 'caesares', zoals bijvoorbeeld Marcus Aurelius en Commodus.

Diadumenianus was de zoon van keizer Macrinus (217-218). In het jaar 217 kreeg hij, op het moment dat zijn vader keizer werd, de titel van caesar. Hij was toen 9 jaar. Later dat jaar werd hij bevorderd tot keizer ('augustus'). Nadat zijn vader was verslagen en gedood in 218, vluchtte de kleine Diadumenianus richting ParthiŽ, maar slaagde niet in die opzet. Hij werd ingehaald en geŽxecuteerd.

17796 Diadumenianus Caesar 217-218, AR Denarius (20 mm, 3,40 gram)
Muntplaats: Rome
Voorzijde: M OPEL ANT DIADUMENIAN CAES; gedrapeerde buste met kuras r., blootshoofds
Keerzijde: PRINC IVVENTVTIS; Diadumenianus staande l., hoofd r., met standaard en scepter; twee standaards r.
Overig:
RIC IV 102 (Macrinus); Zfr/Pr
€ 385