De combinatie van voorzijdeomschrift en muntteken staat niet vermeld in RIC.

Ten tijde van de publicatie van RIC werd de groep abdicatiefolles waartoe deze munt behoort, toegeschreven aan het munthuis van Trier - met de opmerking dat het muntteken in het veld, de letter K voorafgaand aan het officinanummer, 'nog niet verklaard was' (RIC p. 208 noot 1). Sindsdien heeft Kent met overtuigende argumenten deze groep aan het munthuis van Cyzicus toegeschreven. Waarschijnlijk werd er in het munthuis van Trier een prototype van deze munt vervaardigd en vervolgens naar alle andere munthuizen in het Rijk gestuurd als voorbeeld. En inderdaad, alle munthuizen produceren een uniforme emissie met zelfs dezelfde emissietekens (S-F). Alleen de stijl is verschillend. Het munthuis van Cyzicus heeft waarschijnlijk overijverig ook het muntteken PTR van het prototype in de afsnede gekopieerd, terwijl het eigen muntteken K(yzikos) in het veld geplaatst werd.

18363 Diocletianus 284-305, AE Follis (28mm, 10,41 gram)
Muntplaats: Cyzicus c. 305
Voorzijde: DN DIOCLETIANO BAEATISSIMO SEN AVG; gelauwerde buste met olijftak en mappa
Keerzijde: PROVIDENTIA DEORVM QVIES AVGG; in veld, S-KS-F; in afsn, PTR; Providentia st. tegenover Quies
Overig:
RIC - (Cf. Trier 671-78); Zfr/Pr
€ 140